Itraconazole Sandoz Caps 28x100mg
Op voorschrift
Geneesmiddel

Itraconazole Sandoz Caps 28x100mg

  € 20,77

information-circle Terugbetaalbaar

Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.

Terugbetalingstarief

€ 5,09 (6% inclusief btw)

Verhoogde tegemoetkoming

€ 3,06 (6% inclusief btw)

Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt

  € 20,77
Op voorraad

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik Kruisovergevoeligheid Er zijn geen gegevens bekend omtrent kruisovergevoeligheid tussen itraconazol en andere antimycotica met azolestructuur. Men dient met de nodige voorzorgen Itraconazol Sandoz voor te schrijven aan patiënten met een overgevoeligheid aan andere azoles. Effecten op het hart In een studie met Itraconazol Sandoz IV bij gezonde vrijwilligers werd een tijdelijke, asymptomatische vermindering van de ejectiefractie van het linker ventrikel waargenomen, die verdween vóór de volgende infusie. De klinische relevantie van deze bevindingen met de orale vorm is niet gekend. Itraconazol blijkt een negatief inotroop effect te hebben en is geassocieerd met meldingen van congestief hartfalen. Hartfalen werd vaker gemeld in spontane meldingen bij een totale dagelijkse dosis van 400 mg dan bij lagere doseringen, wat doet vermoeden dat het risico van hartfalen kan toenemen met de totale dagelijkse dosis itraconazol. Itraconazol Sandoz mag niet worden gebruikt bij patiënten met congestief hartfalen of bij patiënten met een voorgeschiedenis van congestief hartfalen tenzij de voordelen duidelijk opwegen tegen de risico's. Bij deze individuele afweging van de voordelen en de risico's moet rekening gehouden worden met factoren zoals de ernst van de indicatie, de dosis en de duur van de behandeling, en de individuele risicofactoren voor congestief hartfalen. Deze risicofactoren omvatten hartaandoeningen, zoals ischemische hartaandoeningen en hartklepaandoeningen; significante longaandoeningen, zoals een chronische obstructieve longaandoening; en nierfalen en andere oedemateuze aandoeningen. Dergelijke patiënten dienen geïnformeerd te worden over de tekenen en symptomen van congestief hartfalen, ze moeten met voorzichtigheid worden behandeld en moeten tijdens de behandeling gevolgd worden op tekenen en symptomen van congestief hartfalen; indien dergelijke symptomen optreden gedurende de behandeling moet met Itraconazol Sandoz worden gestopt. Calciumkanaalblokkers kunnen negatieve inotrope effecten hebben, additioneel aan die van itraconazol. Bovendien kan itraconazol de afbraak van calciumkanaalblokkers remmen. Daarom is voorzichtigheid vereist bij gelijktijdige toediening van itraconazol en calciumkanaalblokkers door een verhoogd risico op congestief hartfalen (zie rubriek 4.5). Effecten op de lever Zeer zeldzame gevallen van ernstige hepatotoxiciteit, waaronder sommige gevallen van fataal acuut leverfalen, zijn opgetreden bij het gebruik van Itraconazol Sandoz. De meeste gevallen van ernstige hepatotoxiciteit traden op bij patiënten met een bestaande leveraandoening, die behandeld werden voor systemische indicaties, aan andere ernstige aandoeningen leden en/of andere hepatotoxische geneesmiddelen innamen. In enkele gevallen betrof het patiënten zonder bestaande leveraandoening. Sommige van deze gevallen werden waargenomen binnen de eerste maand van de behandeling, en sommige ervan binnen de eerste week. Het volgen van de leverfunctie dient overwogen te worden bij patiënten die behandeld worden met Itraconazol Sandoz. Er moet patiënten verteld worden dat ze hun arts onmiddellijk op de hoogte moeten brengen van tekenen en symptomen die hepatitis doen vermoeden zoals anorexie, misselijkheid, braken, vermoeidheid, buikpijn of donkere urine. Bij deze patiënten moet de behandeling onmiddellijk gestopt worden en de leverfunctie moet getest worden. Bij patiënten met verhoogde serumspiegels van de leverenzymen of een actieve leveraandoening of die problemen gehad hebben van levertoxiciteit met andere geneesmiddelen, mag de behandeling niet opgestart worden tenzij de verwachte baten het risico van leverletsel overstijgen. In zulke gevallen moeten de leverenzymen gevolgd worden. Bij patiënten die een continue behandeling van meer dan 1 maand krijgen, wordt het aangeraden om de leverenzymen te controleren. Dit dient onmiddellijk te gebeuren wanneer patiënten tijdens de behandeling symptomen ontwikkelen zoals anorexie, misselijkheid, braken, vermoeidheid, abdominale pijn of donkergekleurde urine. Indien de waarden abnormaal zijn, moet de behandeling worden stopgezet. Verminderde zuurtegraad van de maag Omdat de absorptie van itraconazol uit Itraconazol Sandoz is verminderd als de zuurtegraad van de maag is verlaagd, mogen zuurneutraliserende geneesmiddelen (bv. aluminiumhydroxide) ten vroegste 2 uur na de Itraconazol Sandoz inname worden toegediend. Bij patiënten met achloorhydrie, zoals bij sommige AIDS-patiënten, patiënten in behandeling met inhibitoren van de maagzuursecretie (zoals H2-antagonisten, protonpomp inhibitoren) en patiënten met pernicieuze anemie wordt aanbevolen om Itraconazol Sandoz met cola toe te dienen. Pediatrische patiënten Aangezien de gegevens over het gebruik van Itraconazol Sandoz bij kinderen beperkt zijn, mag Itraconazol Sandoz niet gebruikt worden bij deze patiënten, tenzij het verwachte voordeel opweegt tegen het eventuele risico. Gebruik bij ouderen Er zijn slechts in beperkte mate klinische gegevens over het gebruik van Itraconazol Sandoz bij oudere patiënten. Itraconazol Sandoz dient niet bij oudere patiënten te worden gebruikt, tenzij het mogelijke voordeel opweegt tegen de mogelijke risico's. Leverinsufficiëntie Er zijn beperkte gegevens beschikbaar omtrent het gebruik van orale itraconazol bij patiënten met leverinsufficiëntie. Toediening van Itraconazol Sandoz bij deze patiënten dient met voorzorg te gebeuren (zie rubriek 5.2, Speciale populaties, Leverinsufficiëntie). Er wordt aangeraden de dosis eventueel aan te passen aan de hand van de plasmaspiegels. Nierinsufficiëntie Er zijn beperkte gegevens beschikbaar omtrent het gebruik van orale itraconazol bij patiënten met nierinsufficiëntie. De orale biologische beschikbaarheid van itraconazol kan lager zijn bij patiënten met nierinsufficiëntie. Er werden grote interindividuele schommelingen waargenomen wanneer deze patiënten itraconazol in de vorm van capsules innamen (zie rubriek 5.2).Toediening van Itraconazol Sandoz dient dan ook met voorzorg te gebeuren in deze patiëntenpopulatie. Itraconazol Sandoz is niet dialyseerbaar. Een aanpassing van de dosis of overschakeling naar een alternatief antischimmelmiddel kan worden overwogen op basis van een evaluatie van de klinische werkzaamheid.. Gehoorverlies Tijdelijk of permanent gehoorverlies werd gerapporteerd bij patiënten die itraconazol nemen. Verschillende van deze meldingen bevatten een gelijktijdige toediening met kinidine welke gecontraïndiceerd is (zie rubrieken 4.3 en 4.5). Het gehoorverlies verdwijnt doorgaans na stopzetting van de behandeling maar kan blijvend zijn bij sommige patiënten. Immunogecompromitteerde patiënten Bij sommige immunogecompromitteerde patiënten (bv. neutropenie, AIDS of getransplanteerde patiënten) kan de orale biologische beschikbaarheid van Itraconazol Sandoz verlaagd zijn. Patiënten met onmiddellijk levensbedreigende systemische schimmelinfecties Door de farmacokinetische eigenschappen (zie rubriek 5.2) is Itraconazol Sandoz niet aangewezen voor de behandeling van patiënten met onmiddellijk levensbedreigende systemische schimmelinfecties. AIDS-patiënten Bij AIDS-patiënten die een behandeling gekregen hebben voor systemische schimmelinfecties zoals sporotrichose, blastomycose, histoplasmose of cryptococcose (meningaal of non-meningaal) en die een risico hebben op relaps, dient de behandelende arts de noodzaak voor een onderhoudstherapie te beoordelen. Neuropathie Indien neuropathie die kan toegewezen worden aan het gebruik van Itraconazol Sandoz optreedt, dient de behandeling te worden stopgezet. Stoornissen van de koolhydraatstofwisseling Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als fructose/galactose-intolerantie, totale lactasedeficiëntie, glucose-galactose malabsorptie of sucrase-isomaltase insufficiëntie dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken. Kruisresistentie In het geval dat er bij systemische candidose vermoeden is van fluconazol-resistente stammen van Candida�species, kan niet worden aangenomen dat deze gevoelig zijn voor itraconazol. Derhalve dient de gevoeligheid te worden getest voordat met de itraconazolbehandeling wordt begonnen. Mogelijke interacties Gelijktijdige toediening van specifieke geneesmiddelen met itraconazol kan leiden tot veranderingen in de werkzaamheid of veiligheid van itraconazol en/of het gelijktijdig toegediende geneesmiddel. Zo kan het gebruik van itraconazol met CYP3A4-inducerende middelen leiden tot sub-therapeutische plasmaconcentraties van itraconazol en derhalve tot falen van de behandeling. Daarnaast kan het gebruik van itraconazol met sommige CYP3A4 substraten leiden tot verhoogde plasmaconcentraties van deze geneesmiddelen en tot ernstige en/of potentieel levensbedreigende bijwerkingen, zoals QT-verlenging en ventriculaire tachyaritmieën, inclusief voorvallen van 'torsade de pointes', een potentieel dodelijke aritmie. De voorschrijver moet refereren naar de productinformatie van het gelijktijdig toegediende geneesmiddel voor verdere informatie over ernstige of levensbedreigende bijwerkingen die kunnen optreden in geval van verhoogde plasmaconcentraties voor dat geneesmiddel. Voor aanbevelingen over de gelijktijdige toediening van geneesmiddelen die gecontra�indiceerd zijn, die niet worden aangeraden of die met voorzichtigheid gebruikt moeten worden in combinatie met itraconazol, zie rubrieken 4.3 en 4.5.

  • Behandeling van volgende mycotische infecties
    • Vulvovaginale candidose, pityriasis versicolor, dermatomycosen, mycotische keratitis, orale candidose en onychomycose
    • Systemische aspergillosis en candidiasis, cryptococcosis (inclusief cryptococcus meningitis), histoplasmosis, sporotrichosis, paracoccidioidomycosis, blastomycosis en penicilliosis
    • Onderhoudstherapie bij AIDS patiënten om recidief van schimmelinfecties te voorkomen
    • Profylaxe van schimmelinfecties bij immunodeficiënte patiënten met neutropenie

Welke stoffen zitten er in dit middel?

  • De werkzame stof in dit middel is itraconazol. Elke harde capsule bevat 100 mg itraconazol.

  • De andere stoffen in dit middel zijn sucrose granulaat (zie rubriek 2), poloxamer 188, gemicroniseerd poloxamer 188 en hypromellose. De capsule is samengesteld uit indigokarmijn (E132) (bevat natrium), quinoline geel (E104) (bevat natrium), titaandioxide (E171), water en gelatine.

4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie Itraconazol wordt voornamelijk gemetaboliseerd via CYP3A4. Andere stoffen die ofwel deze metabole route gemeen hebben ofwel de activiteit van CYP3A4 wijzigen, kunnen invloed hebben op de farmacokinetiek van itraconazol. Itraconazol is een sterke CYP3A4-remmer, een P-glycoproteïneremmer en een remmer van het borstkankerresistentie-eiwit (BCRP – Breast Cancer Resistance Protein). Itraconazol kan de farmacokinetiek van andere stoffen die deze metabole route of deze eiwittransporterroute gemeen hebben wijzigen. Voorbeelden van geneesmiddelen die een invloed kunnen hebben op de plasmaconcentratie van itraconazol worden per geneesmiddelenklasse weergegeven in Tabel 1 hieronder. Voorbeelden van geneesmiddelen waarvan de plasmaconcentraties door itraconazol kunnen worden beïnvloed, worden weergegeven in Tabel 2 hieronder. Door de hoeveelheid interacties zijn de mogelijke wijzigingen in veiligheid of werkzaamheid van de interagerende geneesmiddelen niet opgenomen. Gelieve de productinformatie van het interagerende geneesmiddel te lezen voor meer informatie. De interacties die in deze tabellen beschreven worden, zijn ingedeeld als "gecontra-indiceerd", "niet aangeraden" of "gebruiken met voorzichtigheid" rekening houdende met de mate van de concentratietoename en het veiligheidsprofiel van het interagerende geneesmiddel (zie rubrieken 4.3 en 4.4 voor meer informatie). De mogelijke interacties van de vermelde geneesmiddelen werden geëvalueerd op basis van farmacokinetische studies met itraconazol bij de mens, en/of farmacokinetische studies met andere sterke CYP3A4-remmers bij de mens (bv. ketoconazol) en/of in vitro gegevens:  "Gecontra-indiceerd": Het geneesmiddel mag onder geen beding gelijktijdig met en tot twee weken na beëindiging van de behandeling met itraconazol worden toegediend.  "Niet aangeraden": Het wordt aangeraden het gebruik van het geneesmiddel te vermijden tijdens en tot twee weken na het beëindigen van de behandeling met itraconazol, tenzij de voordelen opwegen tegen het mogelijk verhoogde risico op bijwerkingen. Als gelijktijdige toediening niet kan worden vermeden, wordt aangeraden de patiënten klinisch te monitoren op tekenen of symptomen van versterkte of verlengde effecten of bijwerkingen van het gelijktijdig toegediende geneesmiddel, en de dosering te verlagen of de toediening te onderbreken indien noodzakelijk. Indien van toepassing, wordt aangeraden de plasmaconcentraties van het gelijktijdig toegediende geneesmiddel te meten.  "Gebruiken met voorzichtigheid": Zorgvuldige monitoring wordt aangeraden wanneer het geneesmiddel gelijktijdig met itraconazol wordt toegediend. Bij gelijktijdige toediening wordt aangeraden de patiënt nauwlettend te monitoren op tekenen of symptomen van versterkte of verlengde effecten of bijwerkingen van het interagerende geneesmiddel, en de dosering te verlagen indien noodzakelijk. Indien van toepassing, wordt aangeraden de plasmaconcentraties van het gelijktijdig toegediende geneesmiddel te meten. De interacties die in deze tabellen vermeld worden, zijn gemeld in studies die uitgevoerd werden met de aanbevolen doses itraconazol. De mate van de interactie kan echter afhankelijk zijn van de toegediende dosis itraconazol. Er kan een sterkere interactie optreden bij een hogere dosis of met een korter doseringsinterval. Extrapolatie van de bevindingen met andere doseringsscenario's of andere geneesmiddelen moet voorzichtig gebeuren. Zodra de behandeling is gestopt, nemen de plasmaconcentraties van itraconazol binnen 7 tot 14 dagen af tot een bijna ondetecteerbare concentratie, afhankelijk van de dosis en duur van de behandeling. Bij patiënten met levercirrose of bij personen die CYP3A4-remmers krijgen, kan de afname van de plasmaconcentraties zelfs nog geleidelijker plaatsvinden. Dit is vooral van belang bij het instellen van een behandeling met geneesmiddelen waarvan het metabolisme wordt beïnvloed door itraconazol (zie rubriek 5.2). Tabel 1: Voorbeelden van geneesmiddelen die invloed kunnen hebben op de plasmaconcentratie van itraconazol, weergegeven per geneesmiddelenklasse

Geneesmiddelen (per orale [p.o.] enkelvoudige dosis tenzij anders vermeld) binnen de klasse Verwacht/Mogelijk effect op itraconazolconcentraties (↑ = stijging; ↔ = geen wijziging; ↓ = daling) Klinisch commentaar (zie hierboven voor meer info en ook rubrieken 4.3 en 4.4) Antibacteriële middelen voor systemisch gebruik; Antimycobacteriële middelen Isoniazide Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, zal isoniazide waarschijnlijk de concentraties van itraconazol verlagen Niet aangeraden Rifampicine p.o. 600 mg eenmaal daags Itraconazol AUC ↓ Niet aangeraden Rifabutine p.o. 300 mg eenmaal daags Itraconazol Cmax ↓ 71%, AUC ↓ 74% Niet aangeraden Ciprofloxacine p.o. 500 mg tweemaal daags Itraconazol Cmax ↑ 53%, AUC ↑ 82% Gebruiken met voorzichtigheid Erythromycine 1 g Itraconazol Cmax ↑ 44%, AUC ↑ 36% Gebruiken met voorzichtigheid Clarithromycine p.o. 500 mg tweemaal daags Itraconazol Cmax ↑ 90%, AUC ↑ 92% Gebruiken met voorzichtigheid Anti-epileptica Carbamazepine, fenobarbital Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verlagen deze geneesmiddelen waarschijnlijk de concentraties van itraconazol. Niet aangeraden Fenytoïne p.o. 300 mg eenmaal daags Itraconazol Cmax ↓ 83%, AUC ↓ 93% Hydroxy-itraconazol Cmax ↓ 84%, AUC ↓ 95% Niet aangeraden Antineoplastische middelen Idelalisib Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, zal idelalisib waarschijnlijk de concentraties van itraconazol verhogen. Gebruiken met voorzichtigheid Antivirale middelen voor systemisch gebruik Ombitasvir/paritaprevir/ritonavir (met of zonder dasabuvir) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, wordt verwacht dat deze geneesmiddelen de concentraties van itraconazol verhogen. Gecontra-indiceerd Efavirenz 600 mg Itraconazol Cmax ↓ 37%, AUC ↓ 39% Hydroxy-itraconazol Cmax ↓ 35%, AUC ↓ 37% Niet aangeraden Nevirapine p.o. 200 mg eenmaal daags Itraconazol Cmax ↓ 38%, AUC ↓ 62% Niet aangeraden Cobicistat, darunavir (geboost), elvitegravir (geboost met ritonavir), fosamprenavir (geboost met ritonavir), ritonavir, saquinavir (geboost met ritonavir) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, wordt verwacht dat deze geneesmiddelen de concentraties van itraconazol verhogen. Gebruiken met voorzichtigheid Indinavir p.o. 800 mg driemaal daags Itraconazolconcentratie ↑ Gebruiken met voorzichtigheid Calciumkanaalblokkers Diltiazem Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, zal diltiazem waarschijnlijk de concentratie van itraconazol verhogen. Gebruiken met voorzichtigheid Geneesmiddelen voor maagzuurgerelateerde aandoeningen Antacida (aluminium-, calcium-, magnesium�of natriumbicarbonaat), H2-receptorantagonisten (bv. cimetidine, ranitidine), protonpompremmers (bv. lansoprazol, omeprazol, rabeprazol) Itraconazol Cmax ↓, AUC ↓ Gebruiken met voorzichtigheid Ademhalingsstelsel: andere producten voor het ademhalingsstelsel Lumacaftor/ivacaftor p.o. 200/250 mg tweemaal daags Itraconazolconcentratie ↓ Niet aangeraden Overige Sint-janskruid (Hypericum perforatum) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, zal sint�janskruid waarschijnlijk de concentratie van itraconazol verlagen. Niet aangeraden

Tabel 2 Voorbeelden van geneesmiddelen waarvan de plasmaconcentraties beïnvloed kunnen worden door itraconazol, weergegeven per geneesmiddelenklasse

Geneesmiddelen (p.o. enkelvoudige dosis tenzij anders vermeld) binnen de klasse Verwacht/Mogelijk effect op geneesmiddelenconcentraties (↑ = stijging; ↔ = geen wijziging; ↓ = daling) Klinisch commentaar (zie hierboven voor meer info en ook rubrieken 4.3 en 4.4) Analgetica; Anesthetica Ergotalkaloïden (bv. dihydroergotamine, ergometrine, ergotamine, methylergometrine) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gecontra-indiceerd Eletriptan, fentanyl Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Niet aangeraden Alfentanil, buprenorfine (i.v. en sublinguaal), cannabinoïden, methadon, sufentanil Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gebruiken met voorzichtigheid Oxycodon p.o. 10 mg Oxycodon p.o.: Cmax ↑ 45%, AUC ↑ 2,4-voudig Gebruiken met voorzichtigheid Oxycodon i.v. 0,1 mg/kg Oxycodon i.v.: AUC ↑ 51% Gebruiken met voorzichtigheid Antibacteriële middelen voor systemisch gebruik; Antimycobacteriële middelen; Antimycotica voor systemisch gebruik Isavuconazol Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van isavuconazol. Gecontra-indiceerd Bedaquiline Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van bedaquiline. Niet aangeraden Rifabutine p.o. 300 mg eenmaal daags Rifabutineconcentratie ↑ (mate niet bekend) Niet aangeraden Clarithromycine p.o. 500 mg tweemaal daags Clarithromycineconcentratie ↑ Gebruiken met voorzichtigheid Delamanide Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van delamanid. Gebruiken met voorzichtigheid Anti-epileptica Carbamazepine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van carbamazepine. Niet aangeraden Anti-inflammatoire en antireumatische middelen Meloxicam 15 mg Meloxicam Cmax ↓ 64%, AUC ↓ 37% Gebruiken met voorzichtigheid Anthelmintica; Antiprotozoaire middelen Halofantrine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van halofantrine. Gecontra-indiceerd Artemether-lumefantrine, praziquantel Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gebruiken met voorzichtigheid Kinine 300 mg Kinine Cmax ↔, AUC ↑ 96% Gebruiken met voorzichtigheid Antihistaminica voor systemisch gebruik Astemizol, mizolastine, terfenadine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gecontra-indiceerd Ebastine 20 mg Ebastine Cmax ↑ 2,5-voudig, AUC ↑ 6,2-voudig Carebastine Cmax ↔, AUC ↑ 3,1-voudig Niet aangeraden Bilastine, rupatadine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gebruiken met voorzichtigheid Antineoplastische middelen Irinotecan Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van irinotecan en de actieve metaboliet ervan. Gecontra-indiceerd Venetoclax Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van venetoclax. Gecontra-indiceerd bij patiënten met chronische lymfocytaire leukemie tijdens de startfase en de dosistitratiefase van venetoclax. In andere gevallen niet aangeraden, tenzij de voordelen opwegen tegen de risico's. Raadpleeg de productinformatie van venetoclax. Axitinib, bosutinib, cabazitaxel, cabozantinib, ceritinib, crizotinib, dabrafenib, dasatinib, docetaxel, everolimus, glasdegib, ibrutinib, lapatinib, nilotinib, pazopanib, regorafenib, sunitinib, temsirolimus, trabectedin, trastuzumab-emtansine, vinca-alkaloïden (bv. vinflunine, vinorelbine) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen, behalve voor cabazitaxel en regorafenib. Er is geen statistisch significante wijziging in de blootstelling aan cabazitaxel gezien, maar wel een hoge variabiliteit in de resultaten. Er wordt verwacht dat de AUC van regorafenib verlaagt (door schatting van de werkzame groep). Niet aangeraden Cobimetinib 10 mg Cobimetinib Cmax ↑ 3,2-voudig, AUC ↑ 6,7-voudig Niet aangeraden Entrectinib Entrectinib Cmax ↑ 73%, AUC ↑ 6,0-voudig Niet aangeraden Olaparib 100 mg Olaparib Cmax ↑ 40%, AUC ↑ 2,7-voudig Niet aangeraden Talazoparib Talazoparib Cmax ↑ 40%, AUC ↑ 56% Niet aangeraden Alitretinoïne (oraal), bortezomib, brentuximab vedotin, erlotinib, idelalisib, imatinib, nintedanib, panobinostat, ponatinib, ruxolitinib, sonidegib, tretinoïne (oraal) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gebruiken met voorzichtigheid Busulfan 1 mg/kg om de 6u Busulfan Cmax ↑, AUC ↑ Gebruiken met voorzichtigheid Gefitinib 250 mg Gefitinib 250 mg Cmax ↑, AUC ↑ 78% Gebruiken met voorzichtigheid Pemigatinib Pemigatinib Cmax ↑17%, AUC ↑ 91% Gebruiken met voorzichtigheid Antitrombotica Dabigatran, ticagrelor Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gecontra-indiceerd Apixaban,edoxaban, rivaroxaban, vorapaxar Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Niet aangeraden Cilostazol, coumarinen (bv. warfarine) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gebruiken met voorzichtigheid Antivirale middelen voor systemisch gebruik Ombitasvir/paritaprevir/ritonavir (met of zonder dasabuvir) Itraconazol kan de paritaprevirconcentraties verhogen. Gecontra-indiceerd

Elbasvir/grazoprevir, simeprevir, tenofoviralafenamide�fumaraat (TAF), tenofovirdisoproxil-fumaraat (TDF) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Niet aangeraden Cobicistat, elvitegravir (geboost met ritonavir), glecaprevir/pibrentasvir, maraviroc, ritonavir, saquinavir Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gebruiken met voorzichtigheid Indinavir p.o. 800 mg driemaal daags Indinavir Cmax ↔, AUC ↑ Gebruiken met voorzichtigheid Cardiovasculair stelsel (middelen die inwerken op het renine-angiotensinesysteem; antihypertensiva; bètablokkers; calciumkanaalblokkers; cardiale therapie; diuretica) Bepridil, disopyramide, dofetilide, dronedaron, eplerenon, finerenon, ivabradine, lercanidipine, nisoldipine, ranolazine, sildenafil (pulmonale hypertensie) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gecontra-indiceerd Aliskiren 150 mg Aliskiren Cmax ↑ 5,8-voudig, AUC ↑ 6,5-voudig Gecontra-indiceerd Kinidine 100 mg Kinidine Cmax ↑ 59%, AUC ↑ 2,4-voudig Gecontra-indiceerd Felodipine 5 mg Felodipine Cmax ↑ 7,8-voudig, AUC ↑ 6,3-voudig Niet aangeraden Riociguat, tadalafil (pulmonale hypertensie) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Niet aangeraden Bosentan, diltiazem, guanfacine, andere dihydropyridinen (bv. amlodipine, isradipine, nifedipine, nimodipine), verapamil Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van bosentan. Gebruiken met voorzichtigheid Digoxine 0,5 mg Digoxine Cmax ↑ 34%, AUC ↑ 68% Gebruiken met voorzichtigheid Nadolol 30 mg Nadolol Cmax ↑ 4,7-voudig, AUC ↑ 2,2-voudig Gebruiken met voorzichtigheid Corticosteroïden voor systemisch gebruik; geneesmiddelen tegen obstructieve luchtwegaandoeningen Ciclesonide, salmeterol Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van salmeterol en de actieve metaboliet van ciclesonide. Niet aangeraden Budesonide per inhalatie (INH) 1 mg enkelvoudige dosis Budesonide INH Cmax ↑ 65%, AUC ↑ 4,2-voudig; concentratie budesonide (andere formuleringen) ↑ Gebruiken met voorzichtigheid Dexamethason i.v. 5 mg Dexamethason p.o. 4,5 mg Dexamethason i.v.: Cmax ↔, AUC ↑ 3,3-voudig Dexamethason p.o.: Cmax ↑ 69%, AUC ↑ 3,7-voudig Gebruiken met voorzichtigheid Fluticason per inhalatie 1 mg tweemaal daags Fluticason INH-concentratie ↑ Gebruiken met voorzichtigheid Methylprednisolon 16 mg Methylprednisolon p.o. Cmax ↑ 92%, AUC ↑ 3,9-voudig Methylprednisolon i.v. AUC ↑ 2,6-voudig Gebruiken met voorzichtigheid Fluticason nasaal Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van nasaal toegediende fluticason. Gebruiken met voorzichtigheid Geneesmiddelen gebruikt bij diabetes Repaglinide 0,25 mg Repaglinide Cmax ↑ 47%, AUC ↑ 41% Gebruiken met voorzichtigheid Saxagliptine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van saxagliptine. Gebruiken met voorzichtigheid Gastro-intestinale geneesmiddelen, inclusief anti-diarrhoeica, intestinale anti-inflammatoire/anti�infectieuze middelen; anti-emetica en middelen tegen misselijkheid; geneesmiddelen tegen constipatie; geneesmiddelen tegen functionele gastro-intestinale aandoeningen Cisapride, naloxegol Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gecontra-indiceerd Domperidon 20 mg Domperidon Cmax ↑ 2,7-voudig, AUC ↑ 3,2-voudig Gecontra-indiceerd Aprepitant, loperamide, netupitant Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van aprepitant. Gebruiken met voorzichtigheid Immunosuppressiva Voclosporine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van voclosporine. Gecontra-indiceerd Sirolimus (rapamycine) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van sirolimus. Niet aangeraden Ciclosporine, tacrolimus Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van ciclosporine. Gebruiken met voorzichtigheid Tacrolimus i.v. 0,03 mg/kg eenmaal daags Tacrolimus i.v. concentratie ↑ Gebruiken met voorzichtigheid Lipidemodificerende middelen Lomitapide Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van lomitapide. Gecontra-indiceerd Lovastatine 40 mg Lovastatine Cmax ↑ 14,5 - >20-voudig, AUC ↑ 14,8 - >20-voudig Lovastatinezuur Cmax ↑ 11,5-13-voudig, AUC ↑ 15,4-20-voudig Gecontra-indiceerd Simvastatine 40 mg Simvastatinezuur Cmax ↑ 17-voudig, AUC ↑ 19-voudig Gecontra-indiceerd Atorvastatine Atorvastatinezuur Cmax ↔ tot ↑2,5-voudig, AUC ↑ 40% tot 3-voudig Niet aangeraden Psychoanaleptica; psycholeptica (bv. antipsychotica, anxiolytica en hypnotica) Lurasidon, pimozide, quetiapine, sertindol Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gecontra-indiceerd Midazolam (oraal) 7,5 mg Midazolam (oraal) Cmax ↑ 2,5 tot 3,4-voudig, AUC ↑ 6,6 tot 10,8-voudig Gecontra-indiceerd Triazolam 0,25 mg Triazolam Cmax ↑, AUC ↑ Gecontra-indiceerd Alprazolam 0,8 mg Alprazolam Cmax ↔, AUC ↑ 2,8-voudig Gebruiken met voorzichtigheid Aripiprazol 3 mg Aripiprazol Cmax ↑ 19%, AUC ↑ 48% Gebruiken met voorzichtigheid Brotizolam 0,5 mg Brotizolam Cmax ↔, AUC ↑ 2,6-voudig Gebruiken met voorzichtigheid Buspiron 10 mg Buspiron Cmax ↑ 13,4-voudig, AUC ↑ 19,2-voudig Gebruiken met voorzichtigheid Midazolam i.v. 7,5 mg Midazolam i.v. 7,5 mg: concentratie ↑; Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van midazolam na oromucosale toediening. Gebruiken met voorzichtigheid Risperidon 2-8 mg/dag Concentratie risperidon en actieve metaboliet ↑ Gebruiken met voorzichtigheid Zopiclon 7,5 mg Zopiclon Cmax ↑ 30%, AUC ↑ 70% Gebruiken met voorzichtigheid Cariprazine, galantamine, haloperidol, reboxetine, venlafaxine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gebruiken met voorzichtigheid Ademhalingsstelsel: andere producten voor het ademhalingsstelsel Lumacaftor/ivacaftor p.o. 200/250 mg tweemaal daags Ivacaftor Cmax ↑ 3,6-voudig, AUC ↑ 4,3-voudig Lumacaftor Cmax ↔, AUC ↔ Niet aangeraden Ivacaftor Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van ivacaftor. Gebruiken met voorzichtigheid Geslachtshormonen en modulatoren van het genitale systeem; andere gynaecologische middelen Cabergoline, diënogest, ulipristal Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gebruiken met voorzichtigheid Urologische middelen Avanafil, dapoxetine, darifenacine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gecontra-indiceerd Fesoterodine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van de actieve metaboliet, 5-hydroxymethyltolterodine. Matige of ernstige nier- of leverinsufficiëntie: Gecontra-indiceerd. Lichte nier- of leverinsufficiëntie: Gelijktijdig gebruik moet worden vermeden. Normale nier- of leverinsufficiëntie: Gebruiken met voorzichtigheid met een maximale dosis fesoterodine van 4 mg. Solifenacine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van solifenacine. Ernstige nierinsufficiëntie: Gecontra-indiceerd Matige of ernstige leverinsufficiëntie: Gecontra-indiceerd. Gebruiken met voorzichtigheid bij alle andere patiënten met een maximale dosis solifenacine van 5 mg. Vardenafil Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van vardenafil. Gecontra-indiceerd bij patiënten ouder dan 75 jaar; anders niet aangeraden. Alfuzosine, silodosine, tadalafil (erectiestoornis en benigne prostaathyperplasie), tamsulosine, tolterodine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Niet aangeraden Dutasteride, imidafenacine, sildenafil (erectiestoornis) Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van deze geneesmiddelen. Gebruiken met voorzichtigheid Oxybutynine 5 mg Oxybutynine Cmax ↑ 2-voudig, AUC ↑ 2-voudig N-desethyloxybutynine Cmax ↔, AUC ↔ Na transdermale toediening: Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van oxybutynine na transdermale toediening. Gebruiken met voorzichtigheid Overige geneesmiddelen en andere stoffen Colchicine Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van colchicine. Gecontra-indiceerd bij patiënten met nier- of leverinsufficiëntie. Niet aangeraden bij andere patiënten. Eliglustat Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, wordt verwacht dat itraconazol de concentraties van eliglustat verhoogt. Gecontra-indiceerd bij CYP2D6 trage metaboliseerders (TM). Gecontra-indiceerd bij CYP2D6 intermediaire metaboliseerders (IM) of extensief metaboliseerders (EM) die een sterke of matige CYP2D6-remmer nemen. Met voorzichtigheid gebruiken bij CYP2D6 IM en EM. Bij CYP2D6 EM met een lichte leverinsufficiëntie moet een dosis eliglustat van 84 mg/dag overwogen worden. Cinacalcet Hoewel niet rechtstreeks bestudeerd, verhoogt itraconazol waarschijnlijk de concentraties van cinacalcet. Gebruiken met voorzichtigheid Geneesmiddelen die de plasmaconcentraties van itraconazol kunnen verlagen (bv. rifampicine, rifabutine en fenytoïne). Geneesmiddelen die de maagsecretie verminderen (bv. maagzuurneutraliserende geneesmiddelen, H2-receptorantagonisten of protonpompremmers) verminderen de absorptie van itraconazol uit Itraconazol Sandoz capsules. Het wordt aanbevolen deze geneesmiddelen met voorzichtigheid te gebruiken bij gelijktijdig gebruik van capsules die itraconazol bevatten. In geval van gelijktijdige behandeling met een geneesmiddel dat de maagsecretie vermindert, wordt aanbevolen om Itraconazol Sandoz capsules in te nemen met een zure drank (non-diet cola). Maagzuurneutraliserende geneesmiddelen (bv. aluminiumverbindingen) dienen 1 uur voor of 2 uur na inname van Itraconazol Sandoz capsules te worden toegediend. Na inname van Itraconazol Sandoz capsules, dient de antischimmelwerking gecontroleerd te worden en de dosis itraconazol verhoogd te worden indien nodig. Gelijktijdig gebruik van itraconazol met sterke CYP3A4-enzyminductoren kan de blootstelling aan itraconazol en hydroxyitraconazol zodanig verminderen dat de werkzaamheid verminderd kan zijn. Voorbeelden hiervan zijn: - Antibacteriële stoffen: Isoniazide, rifabutine (zie ook onder "Geneesmiddelen waarvan de plasmaconcentraties door itraconazol kunnen worden verhoogd"), rifampicine. - Anticonvulsiva: Carbamazepine (zie ook onder "Geneesmiddelen waarvan de plasmaconcentraties door itraconazol kunnen worden verhoogd"), fenobarbital, fenytoïne. - Antivirale stoffen: Efavirenz, nevirapine. - Kruidengeneesmiddelen: Hypericum perforatum (Sint-Janskruid). Daarom wordt de toediening van sterke CYP3A4-enzyminductoren met itraconazol niet aanbevolen. Het wordt aanbevolen het gebruik van dit geneesmiddel te vermijden vanaf 2 weken voor en tijdens behandeling met itraconazol, tenzij de voordelen opwegen tegen het risico van de mogelijk verminderde werkzaamheid van itraconazol. In geval van gelijktijdige toediening wordt aanbevolen de antimycotische werkzaamheid te controleren en de dosis itraconazol zo nodig te verhogen. Geneesmiddelen die de plasmaconcentraties van itraconazol kunnen verhogen Sterke CYP3A4-remmers kunnen de blootstelling aan itraconazol verhogen. Voorbeelden hiervan zijn: - Antibacteriële stoffen: Ciprofloxacine, claritromycine, erytromycine. - Antivirale stoffen: Ritonavir-versterkt darunavir, ritonavir-versterkt fosamprenavir, indinavir (zie ook onder "Geneesmiddelen waarvan de plasmaconcentraties door itraconazol kunnen worden verhoogd"), ritonavir (zie ook onder "Geneesmiddelen waarvan de plasmaconcentraties door itraconazol kunnen worden verhoogd") en telaprevir. Het wordt aanbevolen deze geneesmiddelen met voorzichtigheid te gebruiken in geval van gelijktijdige toediening met itraconazol capsules. Het wordt aanbevolen om patiënten die itraconazol gelijktijdig met sterke CYP3A4-remmers moeten innemen, nauwlettend te controleren op tekenen of symptomen van een verhoogde of verlengde farmacologische werkzaamheid van itraconazol en zo nodig de dosis itraconazol te verlagen. Indien van toepassing wordt aanbevolen de plasmaconcentratie van itraconazol te bepalen. Bij geneesmiddelen waarvan de plasmaconcentraties door itraconazol worden verhoogd, kunnen itraconazol en de belangrijkste metaboliet hydroxyitraconazol het metabolisme remmen van geneesmiddelen die door CYP3A4 worden gemetaboliseerd, evenals het geneesmiddelentransport door P-glycoproteïne. Dit kan leiden tot verhoogde plasmaconcentraties van dit geneesmiddel en/of zijn actieve metabolieten als ze samen met itraconazol worden gebruikt. Het effect van itraconazol om de AUC van andere geneesmiddelen te verhogen kan tot 11-voudig worden versterkt, zoals is waargenomen bij gelijktijdige toediening van 200 mg itraconazol per dag en oraal midazolam (een gevoelig CYP3A4-substraat). Deze verhoogde plasmaconcentraties kunnen zowel de therapeutische effecten als de bijwerkingen van deze geneesmiddelen versterken of verlengen. Geneesmiddelen gemetaboliseerd door CYP3A4 waarvan bekend is dat ze het QT-interval kunnen verlengen, kunnen gecontra-indiceerd zijn bij toediening met itraconazol, omdat de combinatie kan leiden tot ventriculaire tachyaritmieën, waaronder het optreden van torsade de pointes, een mogelijk fatale aritmie. Het volledige remmende effect wordt niet bereikt voordat de steady state van itraconazol is bereikt. Dit kan bij itraconazol capsules ongeveer 15 dagen duren (zie rubriek 5.2). Na het staken van de behandeling dalen de plasmaconcentraties van itraconazol tot bijna ondetecteerbare niveaus binnen 7 tot 14 dagen, afhankelijk van de dosis en de duur van de behandeling. Bij patiënten met levercirrose of patiënten die CYP3A4-remmers krijgen, kan de plasmaconcentratie nog langzamer dalen. Dit is met name van belang bij het instellen van een behandeling met geneesmiddelen waarvan het metabolisme door itraconazol kan worden verstoord. De geneesmiddelen die een interactie hebben met itraconazol zijn geclassificeerd als gecontra-indiceerd, niet aanbevolen en gebruiken met voorzichtigheid, rekening houdend met de mate van concentratieverhoging en het veiligheidsprofiel van het interagerende geneesmiddel. Het potentieel voor interacties van de vermelde geneesmiddelen is beoordeeld in de context van farmacokinetische onderzoeken bij mensen met itraconazol en/of farmacokinetische onderzoeken bij mensen met andere sterke CYP3A4-remmers (bv. ketoconazol) en/of in-vitrogegevens. Voorbeelden van geneesmiddelen waarvan de plasmaconcentraties door itraconazol kunnen worden verhoogd, opgelijst volgens geneesmiddelenklasse en aanbevelingen met betrekking tot gelijktijdige toediening met itraconazol: Geneesmiddelenklasse Gecontra-indiceerd Niet aanbevolen Gebruiken met voorzichtigheid Alfablokkers Tamsulosine Analgetica Fentanyl Alfentanil, buprenorfine intraveneus en sublinguaal, oxycodon, methadonc, sufentanil Anti-aritmica Disopyramide, dofetilide, dronedarone, kinidine Digoxine Antibacteriële stoffen Telithromycine bij patiënten met ernstige nierinsufficiëntie of ernstige leverfunctiestoornissen Rifabutinea Telithromycine Anticoagulantia en bloedplaatjesaggregatieremmers Dabigatran, Ticagrelor Apixaban, rivaroxaban Coumarines, cilostazol Anticonvulsiva Carbamazepinea

4.8 Bijwerkingen De hieronder vermelde ongewenste effecten zijn gemeld in klinische studies met Itraconazol Sandoz en/of ontleend aan spontane meldingen uit de postmarketingfase voor alle formulaties van Itraconazol Sandoz. In klinische studies met 2104 patiënten behandeld met itraconazol voor de behandeling van dermatomycoses of onychomycosis, waren de meest gemelde bijwerkingen van gastro-intestinale of dermatologische aard, of hadden betrekking tot de lever. De onderstaande tabel geeft de bijwerkingen weer per orgaanklasse. Binnen elk van deze klasse worden de bijwerkingen gerangschikt naar frequentie volgens de volgende conventie: zeer vaak (≥ 1/10); vaak (≥ 1/100 tot < 1/10); soms (≥ 1/1,000 tot < 1/100); zelden (≥ 1/10,000 tot < 1/1,000); zeer zelden (< 1/10,000), niet bekend (frequentie kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald). Systeem/orgaanklasse Vaak (≥ 1/100 tot < 1/10) Soms (≥ 1/1,000 tot <1/100) Zelden (≥ 1/10,000 tot < 1/1,000) Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald) Infecties en parasitaire aandoeningen Sinusitis, infectie van de bovenste luchtwegen, rhinitis Bloed- en lymfestelsel�aandoeningen Leukopenie Immuunsysteem�aandoeningen Overgevoeligheid* Serumziekte, angioneurotisch oedeem, anafylactische reacties Endocriene aandoeningen Pseudoaldosteronism e Voedings- en stofwisselings�stoornissen Hypertriglyceridemie Zenuwstelsel-aandoeningen Hoofdpijn Hypoesthesie, paresthesie,dysgeusi e Oogaandoeningen Gezichtsstoornissen (inclusief diplopie en wazig zicht) Evenwichtsorgaan- en ooraandoeningen Voorbijgaand of permanent gehoorverlies*, tinnitus Hartaandoeningen Congestief hartfalen* Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinum�aandoeningen Dyspneu Maagdarmstelsel�aandoeningen Buikpijn, misselijkheid Braken, diarree, constipatie, dyspepsie, flatulentie Pancreatitis Lever- en galaandoeningen Abnormale leverfunctie Ernstige levertoxiciteit (inclusief sommige gevallen van fataal acuut leverfalen)*, hyperbilirubinemie Huid- en onderhuid�aandoeningen Urticaria, Huiduitslag, pruritis Toxische epidermale necrolyse, Stevens-Johnson syndroom, Acute gegeneraliseerde exanthemateuze pustulose, erythema multiforme, exfoliatieve dermatitis, leukocytoclastische vasculitis, alopecia, fotosensitiviteit Nier- en urineweg�aandoeningen Pollakisurie Voortplantingsstelsel- en borstaandoeningen Menstruatiestoornisse n Erectiestoornissen Algemene aandoeningen en toedieningsplaats-stoornissen Oedeem Onderzoeken Bloed creatine fosfokinase verhoogd *Zie rubriek 4.4 Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen Hieronder volgt een lijst van bijwerkingen geassocieerd met itraconazol die zijn gerapporteerd in klinische studies van itraconazol in orale oplossing en intraveneuze itraconazol, met uitzondering van de bijwerking "injectieplaatsontsteking", die specifiek is voor de injectiewijze van toediening. Bloed- en lymfestelselaandoeningen Granulocytopenie, trombocytopenie Immuunsysteemaandoeningen Anafylactoïde reactie Voedings- en stofwisselings-stoornissen Hyperglycemie, hyperkaliëmie, hypokaliëmie, hypomagnesiëmie Psychiatrische aandoeningen Verwardheid Zenuwstelselaandoeningen Perifere neuropathie (zie rubriek 4.4), duizeligheid, slaperigheid, tremor Hartaandoeningen Hartfalen, linkerventrikelinsufficiëntie, tachycardie Vasculaire aandoeningen Hypertensie, hypotensie Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinum�aandoeningen Longoedeem, dysfonie, hoest Maagdarmstelselaandoeningen Maagdarmstelselaandoening Lever- en galaandoeningen Leverinsufficiëntie (zie rubriek 4.4), hepatitis, geelzucht Huid- en onderhuidaandoeningen Huiduitslag erythemateus, hyperhidrose Spier-, skelet- en bindweefselaandoeningen Myalgie, artralgie Nier- en urinewegaandoeningen Nierinsufficiëntie, urine-incontinentie Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen Gegeneraliseerd oedeem, oedeem van het gezicht, pijn op de borst, pyrexie, pijn, vermoeidheid, koude rillingen

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?

  • U bent allergisch voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6 van deze bijsluiter. U kunt overgevoeligheid herkennen aan bijvoorbeeld huiduitslag, jeuk,

kortademigheid en/of een opgezet gezicht. Als u hiervan last krijgt, stop dan met Itraconazol Sandoz en

raadpleeg uw arts.

  • Als u zwanger bent (tenzij uw arts weet dat u zwanger bent en hij/zij beslist dat u Itraconazol Sandoz

nodig hebt).

  • Vertel het uw arts als u andere geneesmiddelen gebruikt, voordat u Itraconazol Sandoz gebruikt.

Gebruik Itraconazol Sandoz niet als u een van de volgende geneesmiddelen gebruikt of als u deze wilt

gebruiken binnen de 2 weken nadat u gestopt bent met Itraconazol Sandoz:

Geneesmiddelen om problemen van het hart, het bloed of de bloedsomloop te behandelen

 aliskiren, eplerenon, lercanidipine of nisoldipine (tegen een hoge bloeddruk)

 bepridil, ivabradine of ranolazine (tegen angina (pijn op de borst))

4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding Zwangerschap Itraconazol Sandoz mag niet tijdens de zwangerschap worden gebruikt, behalve in levensbedreigende gevallen waarbij het mogelijke voordeel voor de moeder groter is dan de mogelijke schade voor de foetus (zie rubriek 4.3). In dieronderzoek heeft itraconazol reproductietoxiciteit vertoond (zie rubriek 5.3). Er is beperkte informatie over het gebruik van Itraconazol Sandoz tijdens zwangerschap. Tijdens post-marketing ervaring, werden gevallen van congenitale afwijkingen gerapporteerd. Deze gevallen betroffen misvormingen van het skelet, genito-urinair kanaal, cardiovasculaire en oftalmologische misvormingen alsook chromosomale en multiple afwijkingen. Er werd geen causaal verband aangetoond met het gebruik van Itraconazol Sandoz. Epidemiologische gegevens met betrekking tot de blootstelling aan Itraconazol Sandoz gedurende het eerste trimester van de zwangerschap (meestal in patiënten die een korte-termijn behandeling ontvingen voor vulvovaginale candidosis) toonden geen verhoogd risico aan voor misvormingen ten opzichte van een controlegroep die niet werd blootgesteld aan gekende teratogenen. In een rattenmodel werd aangetoond dat itraconazol de placentabarrière passeert. Vrouwen in de vruchtbare leeftijd Vrouwen in de vruchtbare leeftijd die Itraconazol Sandoz krijgen, dienen maatregelen te nemen voor goede anticonceptie. Effectieve anticonceptie dient te worden voortgezet tot de volgende menstruatie na het eind van de behandeling met Itraconazol Sandoz. Borstvoeding Itraconazol wordt in zeer kleine hoeveelheden uitgescheiden in de moedermelk. Itraconazol Sandoz capsules mogen niet worden gebruikt tijdens de borstvoeding. Vruchtbaarheid Er zijn geen gegevens beschikbaar bij de mens (mannen/vrouwen).

Lokale mycosen

  • Vulvovaginale candidose: 2 capsules (200 mg) 's morgens en 2 capsules (200 mg) 's avonds gedurende 1 dag
  • Pityriasis versicolor: 2 capsules (200 mg), éénmaal per dag, gedurende 7 dagen
  • Tinea corporis, tinea cruris: 2 capsules (200 mg), éénmaal per dag, gedurende 7 dagen
  • Tinea pedis, tinea manus: 2 capsules (200 mg), tweemaal per dag, gedurende 7 dagen
  • Orale candidose: 1 capsule (100 mg), éénmaal per dag, gedurende 15 dagen
  • Mycotische keratitis: 2 capsules (200 mg), éénmaal per dag, gedurende 21 dagen
  • Onychomycose: de 1ste week 2 capsules, 2 maal per dag, vervolgens een geneesmiddelenvrij interval van 3 weken

Systemische mycosen

  • Aspergillosis: 200 mg, 1 x per dag
  • Candidiasis: 100 à 200 mg, 1 x per dag
  • Cryptococcosis (uitz. c. meningitis): 200 mg, 1 x per dag
  • Cryptococcosis meningitis: 200 mg, 2 x per da
  • Histoplasmosis: 200 mg, 1 à 2 x per da
  • Sporotrichosis: 100 mg, 1 x per da
  • Paracoccidioidomycosis: 100 mg, 1 x per da
  • Chromomycosis: 100 à 200 mg, 1 x per da
  • Blastomycosis: 100 mg,1 x per dag OF 200 mg, 2 x per dag
  • Infecties met Penicillium marneffii: 200 mg, 2 x per dag
  • Profylaxis bij neutropenie: 200 mg, 1 x per dag
  • Onderhoudsbehandeling bij AIDS-patiënten: 200 mg, 1 x per dag

Toedieningswijze

  • Direct na een volledige maaltijd innemen.
  • De capsules moeten in hun geheel worden ingeslikt
CNK 2601581
Organisaties Sandoz
Merken Sandoz
Breedte 71 mm
Lengte 100 mm
Diepte 40 mm
Hoeveelheid verpakking 28
Actieve ingrediënten itraconazol
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)